Vacatures genoeg, maar niet voor iedereen: waarom de overstap naar ander werk vaak lastig blijft

Werkgevers hebben moeite om vacatures te vervullen, terwijl mensen die ander werk zoeken niet altijd een passende baan kunnen vinden. Dat lijkt tegenstrijdig, maar de arbeidsmarkt draait niet alleen om het aantal beschikbare banen. Ook vaardigheden, functie-eisen en de mogelijkheden om van beroep te veranderen spelen een belangrijke rol. Nieuwe onderzoeken van UWV laten zien dat er meer mogelijkheden voor zij-instroom bestaan dan werkgevers en werkzoekenden soms denken. Maar hoe zorg je ervoor dat die kansen ook daadwerkelijk worden benut?
De Nederlandse arbeidsmarkt is nog altijd krap, hoewel de spanning sinds de piek in 2022 geleidelijk is afgenomen.
Volgens UWV stonden er in het tweede kwartaal van 2026 ongeveer 387.300 vacatures open. Tegelijkertijd waren er circa 116.800 mensen die korter dan zes maanden een WW-uitkering ontvingen.
Dat verschil laat zien hoe groot de vraag naar personeel nog altijd is. Toch betekent een hoog aantal vacatures niet automatisch dat iedere werkzoekende gemakkelijk een nieuwe baan kan vinden.
De vraag naar personeel verschilt sterk per beroep. Bovendien sluiten de vaardigheden en ervaring van beschikbare kandidaten niet altijd direct aan bij wat werkgevers zoeken.
Juist daar ligt een belangrijke uitdaging voor de arbeidsmarkt.
Sommige beroepen bieden aanzienlijk meer kansen dan andere
Niet ieder beroep ontwikkelt zich op dezelfde manier.
In sommige sectoren blijft de behoefte aan personeel groot. In andere beroepsgroepen neemt de vraag af of is de concurrentie tussen werkzoekenden relatief hoog.
Dat betekent dat iemand met jarenlange werkervaring alsnog moeite kan hebben om een nieuwe baan te vinden.
In januari 2026 publiceerde UWV een overzicht van achttien beroepen waarin het lastiger kan zijn om werk te vinden.
Daaronder vallen onder meer administratief medewerkers die zich bezighouden met data-entry, ondersteunende secretariële medewerkers, marketingmedewerkers, grafisch vormgevers en productiemedewerkers.
Voor deze beroepsgroepen bracht UWV alternatieve functies in beeld waarin de arbeidsmarktkansen gunstiger zijn.
Het bijzondere aan dit onderzoek is dat de voorgestelde overstappen niet uitsluitend theoretisch zijn. UWV onderzocht welke beroepswisselingen in de periode van januari 2020 tot en met juli 2025 daadwerkelijk voorkwamen in de arbeidsverledens van ingeschreven werkzoekenden.
Daarmee wordt inzichtelijk welke andere richtingen mogelijk interessant zijn voor mensen die in hun oorspronkelijke beroep minder perspectief hebben.
De gegevens zijn niet representatief voor alle werkenden in Nederland. Ze geven wel bruikbare aanknopingspunten voor het onderzoeken van nieuwe loopbaanmogelijkheden.
De vaardigheden zijn er vaak al, maar worden anders gebruikt
Wie een andere functie zoekt, kijkt vaak eerst naar vacatures die aansluiten bij de huidige of vorige functietitel.
Dat is logisch. Mensen weten immers welke werkzaamheden zij kennen en welke ervaring zij hebben opgebouwd.
Maar een functietitel vertelt niet het hele verhaal.
Een administratief medewerker kan bijvoorbeeld sterk zijn in organiseren, zorgvuldig werken en informatie verwerken. Een medewerker uit de luchtvaart kan ervaring hebben met klantcontact, het naleven van procedures en omgaan met stressvolle situaties.
Die vaardigheden kunnen ook in andere beroepen waardevol zijn.
In april 2026 publiceerde UWV daarom een tweede onderzoek, ditmaal vanuit het perspectief van werkgevers.
Voor zeventien moeilijk vervulbare beroepen onderzocht UWV welke vaardigheden overeenkomen met die van andere functies.
Zo blijken objectbeveiligers en stewards in de luchtvaart verschillende belangrijke vaardigheden te delen. In beide beroepen moeten medewerkers procedures kunnen volgen, conflicten kunnen oplossen en adequaat kunnen reageren op stressvolle situaties.
Dat betekent niet dat een steward zonder voorbereiding als beveiliger aan de slag kan. Aanvullende opleiding of certificering kan nodig zijn.
Maar het laat wel zien dat relevante ervaring soms uit een heel andere beroepsomgeving komt dan werkgevers aanvankelijk verwachten.
Waarom een kansrijke overstap toch niet vanzelfsprekend is
Het herkennen van overeenkomstige vaardigheden is een belangrijke eerste stap. Maar daarmee is de overstap nog niet geregeld.
Een medewerker die een nieuwe beroepsrichting onderzoekt, krijgt mogelijk te maken met aanvullende opleidingseisen, andere werktijden of een lager startsalaris.
Ook de persoonlijke situatie speelt een rol.
Is een opleiding financieel en praktisch haalbaar? Past het werk bij iemands interesses en mogelijkheden? Zijn er daadwerkelijk vacatures beschikbaar binnen een bereikbare afstand?
Voor werkgevers spelen weer andere vragen.
Welke kennis moet iemand direct beheersen? Welke vaardigheden kunnen tijdens het werk worden ontwikkeld? En hoeveel begeleiding is nodig voordat een nieuwe medewerker zelfstandig kan functioneren?
Deze vragen maken duidelijk waarom alleen het vergelijken van vaardigheden onvoldoende is.
Een overstap wordt pas realistisch wanneer persoonlijke mogelijkheden, functie-eisen en arbeidsmarktkansen met elkaar in overeenstemming worden gebracht.
Daarbij is soms een relatief kleine stap nodig, bijvoorbeeld een aanvullende cursus of een periode waarin iemand onder begeleiding ervaring opdoet.
In andere gevallen is een grotere omscholing noodzakelijk.
De arbeidsmarkt vraagt steeds meer inzicht in vaardigheden
Dat vaardigheden een steeds belangrijkere rol spelen in arbeidsmarktanalyses, blijkt ook uit een nieuwe publicatie van CBS.
Op 30 september 2026 publiceerde CBS experimentele statistieken over de vaardigheden en kennis die worden gevraagd in online vacatures in het eerste en tweede kwartaal van 2026.
Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar onder andere beroepen, opleidingsniveau en provincie.
De gegevens zijn gebaseerd op de gezamenlijke vaardighedentaal CompetentNL, waarmee kennis en vaardigheden op een meer uniforme manier kunnen worden beschreven.
Dit soort informatie kan helpen om beroepsgroepen beter met elkaar te vergelijken.
Welke vaardigheden worden in verschillende beroepen gevraagd? Waar bestaan overeenkomsten? En op welke punten ontbreekt mogelijk nog specifieke kennis?
Voor loopbaanprofessionals biedt dat nieuwe mogelijkheden om verder te kijken dan diploma’s en eerdere functies.
Wel blijft het belangrijk om deze informatie zorgvuldig te gebruiken. Het gaat om experimentele statistiek die een beeld geeft van gevraagde vaardigheden, niet om een voorspelling dat iedere medewerker met overeenkomende vaardigheden daadwerkelijk kan overstappen.
Een andere loopbaanrichting vraagt soms om een eerste ervaring
Dat een overstap naar onbekend werk mogelijk kan zijn, komt ook terug in een eerder gepubliceerd praktijkverhaal van Staatvandienst.
Loopbaanconsultant Daphne Nijhof begeleidde Gerda, destijds 59 jaar, tijdens een outplacementtraject.
Uit de gesprekken bleek dat Gerda minder belangstelling had voor administratieve werkzaamheden, maar juist interesse had in facilitaire taken.
Toen er een mogelijkheid ontstond om bij een middelbare school ervaring op te doen als conciërge, was Gerda aanvankelijk niet direct enthousiast. Zij had weinig affiniteit met werken in een omgeving met jongeren.
Toch besloot ze een dag mee te lopen.
Die ervaring veranderde haar beeld van de functie. De school was positief over haar inzet en uiteindelijk ontstond een betaalde baan.
Het verhaal laat zien dat een nieuwe beroepsrichting soms pas aantrekkelijk wordt wanneer iemand de werkzaamheden daadwerkelijk ervaart.
Op papier leek de functie misschien geen vanzelfsprekende keuze. Door persoonlijke begeleiding en de mogelijkheid om het werk te verkennen, ontstond een ander perspectief.
Dit betekent natuurlijk niet dat iedere kennismaking of werkervaringsplek tot een baan leidt.
Het onderstreept wel hoe belangrijk het kan zijn om niet uitsluitend vanuit bestaande functiebeelden te denken.
Wat kunnen werkgevers en loopbaanprofessionals anders doen?
De onderzoeken van UWV en CBS bieden aanknopingspunten om arbeidsmarktkansen concreter te benutten.
Daarbij verdienen vijf zaken aandacht.
1. Onderzoek vaardigheden achter de functietitel
Kijk niet alleen welke functies iemand eerder heeft uitgevoerd, maar breng ook de opgedane kennis en vaardigheden in kaart.
2. Maak onderscheid tussen noodzakelijke eisen en ontwikkelbare vaardigheden
Niet iedere kwalificatie hoeft al bij aanvang aanwezig te zijn. Onderzoek welke kennis tijdens het werk kan worden geleerd en welke diploma’s of certificeringen daadwerkelijk vereist zijn.
3. Kijk naar bewezen en realistische overstapmogelijkheden
Gebruik arbeidsmarktinformatie om te onderzoeken welke beroepswisselingen eerder zijn gemaakt. Beoordeel vervolgens of deze mogelijkheden ook voor de betreffende medewerker passen.
4. Betrek werkgevers bij het verkennen van mogelijkheden
Een gesprek over werkzaamheden, begeleiding en ontwikkelmogelijkheden kan meer inzicht opleveren dan alleen het vergelijken van vacatures en cv’s.
5. Houd rekening met de persoonlijke en regionale situatie
Een kansrijk beroep biedt pas perspectief wanneer de functie ook bereikbaar, haalbaar en passend is. Daarbij spelen bijvoorbeeld reisafstand, arbeidsvoorwaarden, scholingsmogelijkheden en persoonlijke omstandigheden een rol.
Deze aanpak vraagt om samenwerking tussen medewerkers, werkgevers en loopbaanprofessionals.
Niet om mensen zo snel mogelijk naar een willekeurige vacature te begeleiden, maar om zorgvuldig te onderzoeken waar daadwerkelijk kansen liggen.
Onze visie: de afstand tussen beroepen is soms kleiner dan we denken
Bij Staatvandienst vinden we dat een loopbaan niet beperkt hoeft te blijven tot de functies die iemand eerder heeft uitgevoerd.
Werkervaring levert kennis en vaardigheden op die ook in andere werkomgevingen waardevol kunnen zijn.
Daarom is het belangrijk om bij loopbaanbegeleiding, outplacement en re-integratie verder te kijken dan bestaande functietitels.
Tegelijkertijd vraagt een succesvolle overstap om realisme.
Een overeenkomst tussen vaardigheden is nog geen garantie dat iemand geschikt is voor een andere functie. Soms zijn aanvullende scholing, begeleiding of werkervaring nodig.
Juist de combinatie van persoonlijke begeleiding en kennis van de arbeidsmarkt helpt om die afweging zorgvuldig te maken.
Voor werkgevers betekent dit dat zij meer oog kunnen hebben voor kandidaten met een andere beroepsachtergrond.
Voor medewerkers betekent het dat hun ervaring mogelijk meer kansen biedt dan hun laatste functietitel doet vermoeden.
De uitdaging op de arbeidsmarkt is niet alleen om vacatures en werkzoekenden bij elkaar te brengen, maar ook om de overstap tussen verschillende beroepen mogelijk te maken.
Daarmee ontstaat een breder perspectief op werk, ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid.
Van werk naar werk met Staatvandienst
Staatvandienst ondersteunt werkgevers en medewerkers bij loopbaanontwikkeling, outplacement en re-integratie.
Onze loopbaanconsultants helpen medewerkers inzicht te krijgen in hun kwaliteiten en vaardigheden en onderzoeken welke beroepsrichtingen daarbij aansluiten.
Daarbij combineren we persoonlijke begeleiding met kennis van de regionale arbeidsmarkt en aandacht voor realistische mogelijkheden.
Zo helpen we medewerkers om verder te kijken dan hun eerdere functies en gericht te werken aan een passende volgende stap.
Wil je medewerkers begeleiden naar nieuwe loopbaanmogelijkheden?