Wat is re-integratie en hoe werkt het na ziekte?

vitaly-gariev-XWBULKvaLZ4-unsplash

Wanneer je langere tijd ziek bent, kan terugkeren naar je werk lastig zijn. Misschien kun je je eigen werkzaamheden nog niet volledig uitvoeren of is het onzeker of je weer in je oude functie aan de slag kunt. In dat geval krijg je te maken met re-integratie.

Maar wat is re-integratie precies? Hoe werkt een re-integratietraject en wat is het verschil tussen het eerste en tweede spoor?

In dit artikel leggen we uit wat re-integratie betekent, welke stappen belangrijk zijn en wat werkgever en werknemer van elkaar mogen verwachten.

Wat is re-integratie?

Re-integratie betekent dat iemand wordt begeleid bij het terugkeren naar werk of het vinden van passend werk.

Het begrip wordt in verschillende situaties gebruikt. Bijvoorbeeld wanneer iemand na ziekte weer gaat werken, maar ook wanneer iemand met ondersteuning vanuit een uitkering werk zoekt.

In dit artikel richten we ons vooral op re-integratie na ziekte, wanneer een werknemer tijdelijk of langdurig niet in staat is om het eigen werk volledig uit te voeren.

Het doel is om te onderzoeken hoe iemand op een verantwoorde manier weer kan deelnemen aan het arbeidsproces.

Dat kan betekenen dat een werknemer terugkeert in de eigen functie, aangepast werk gaat doen of een passende baan bij een andere werkgever zoekt.

Welke mogelijkheden er zijn, hangt af van de gezondheid, belastbaarheid, vaardigheden en persoonlijke omstandigheden van de werknemer.

Hoe werkt re-integratie na ziekte?

Wanneer een werknemer ziek wordt en niet volledig kan werken, hebben werkgever en werknemer verantwoordelijkheden bij de terugkeer naar werk.

De Wet verbetering poortwachter beschrijft belangrijke stappen die zij tijdens langdurig ziekteverzuim moeten doorlopen.

De bedrijfsarts of arbodienst beoordeelt welke mogelijkheden de werknemer heeft om te werken. Werkgever en werknemer maken vervolgens samen afspraken over de re-integratie.

Deze afspraken kunnen bijvoorbeeld gaan over aangepaste werkzaamheden, andere werktijden, het opbouwen van werkuren of het zoeken naar ander passend werk.

De voortgang wordt regelmatig besproken. Wanneer de situatie verandert, kunnen de afspraken worden aangepast.

Re-integratie is dus geen vast traject dat voor iedereen hetzelfde verloopt. De aanpak moet aansluiten op wat de werknemer op dat moment kan en wat er binnen of buiten de organisatie mogelijk is.

Wat is het verschil tussen re-integratie eerste en tweede spoor?

Bij langdurige ziekte wordt onderscheid gemaakt tussen re-integratie in het eerste en tweede spoor.

Het belangrijkste verschil is waar de werknemer probeert terug te keren naar werk.

Re-integratie eerste spoor Re-integratie tweede spoor
Gericht op werk bij de huidige werkgever Gericht op werk buiten de huidige organisatie
Terugkeer in de eigen functie of ander passend werk Zoeken naar passend werk bij een andere werkgever
Werkzaamheden of werkplek kunnen worden aangepast Loopbaanoriëntatie en begeleiding naar ander werk kunnen onderdeel zijn van het traject

Re-integratie eerste spoor: terugkeer bij je eigen werkgever

In het eerste spoor onderzoeken werkgever en werknemer welke mogelijkheden er zijn om binnen de bestaande organisatie weer aan het werk te gaan.

Dat kan bijvoorbeeld door geleidelijk meer uren te werken, bepaalde taken tijdelijk niet uit te voeren of aanpassingen aan de werkplek te doen.

Soms blijkt terugkeer in de oorspronkelijke functie niet haalbaar, maar zijn er wel mogelijkheden in een andere passende functie bij dezelfde werkgever.

Het eerste spoor is dus breder dan alleen terugkeren naar je oude baan.

Re-integratie tweede spoor: passend werk bij een andere werkgever

Wanneer duurzame werkhervatting binnen de eigen organisatie onvoldoende perspectief biedt, komt re-integratie tweede spoor in beeld.

Bij het tweede spoor onderzoeken werkgever en werknemer mogelijkheden voor passend werk buiten de organisatie.

Een re-integratiebureau kan daarbij ondersteunen met loopbaanoriëntatie, coaching, arbeidsmarktverkenning en sollicitatiebegeleiding.

Ook een werkervaringsplek of detachering kan in een geschikte situatie helpen om mogelijkheden te onderzoeken.

Een tweede spoortraject hoeft niet automatisch te betekenen dat het eerste spoor stopt. Beide kunnen, afhankelijk van de omstandigheden, naast elkaar lopen.

Meer weten? Lees ons artikel Wanneer start je met een tweede spoortraject?.

Wanneer begint re-integratie?

Re-integratie begint niet pas wanneer een werknemer een jaar ziek is. Al in de eerste periode van ziekte wordt gekeken welke mogelijkheden er zijn om terug te keren naar werk.

Bij langdurig verzuim gelden verschillende belangrijke momenten.

Rond week 6: de probleemanalyse

De bedrijfsarts of arbodienst stelt uiterlijk in de zesde ziekteweek een probleemanalyse op, wanneer die volgens de regels nodig is.

Hierin staat welke mogelijkheden en beperkingen relevant zijn voor werkhervatting en wat de verwachting is voor de re-integratie.

De werkgever ontvangt geen medische diagnose of andere vertrouwelijke medische informatie.

Rond week 8: het plan van aanpak

Werkgever en werknemer maken op basis van de probleemanalyse samen een plan van aanpak.

Hierin leggen zij vast welke stappen nodig zijn om de terugkeer naar werk te bevorderen.

Denk aan aangepaste werkzaamheden, het opbouwen van uren of het onderzoeken van andere passende functies.

Tijdens het traject: voortgang bespreken

Werkgever en werknemer bespreken minimaal eens per zes weken de voortgang van de re-integratie.

Zij bekijken wat goed gaat, welke knelpunten er zijn en of de afspraken moeten veranderen.

Rond het einde van het eerste ziektejaar: evalueren

Tijdens de eerstejaarsevaluatie bekijken werkgever en werknemer wat de re-integratie tot dan toe heeft opgeleverd.

Ook onderzoeken zij welke mogelijkheden er zijn voor het tweede ziektejaar.

Wanneer terugkeer binnen de eigen organisatie onzeker blijft, moeten zij intensiever zoeken naar andere mogelijkheden, waaronder zo nodig werk buiten de organisatie.

Een tweede spoortraject kan overigens al eerder noodzakelijk zijn wanneer duidelijk wordt dat passende en duurzame werkhervatting bij de eigen werkgever niet haalbaar lijkt.

Richting twee jaar ziekte: beoordeling door UWV

Wanneer een werknemer na bijna twee jaar ziekte nog arbeidsongeschikt is, kan een aanvraag voor een WIA-uitkering aan de orde zijn.

UWV beoordeelt dan onder andere de re-integratie-inspanningen van werkgever en werknemer.

Bij onvoldoende inspanningen door de werkgever kan UWV een verlenging van de loondoorbetalingsverplichting opleggen.

Wil je precies weten welke stappen wanneer gelden? Bekijk ons stappenplan Wet verbetering poortwachter.

Wat is passend werk bij re-integratie?

Passend werk is werk dat een werknemer, rekening houdend met diens mogelijkheden en beperkingen, redelijkerwijs kan uitvoeren.

Dat hoeft niet altijd de oorspronkelijke functie te zijn.

Een werknemer die bepaalde fysieke werkzaamheden niet meer kan doen, kan bijvoorbeeld mogelijk andere taken uitvoeren. Ook aangepaste werktijden of een andere werkplek kunnen helpen.

Bij het beoordelen van passend werk wordt gekeken naar onder andere de belastbaarheid, kennis, ervaring en aard van de werkzaamheden.

Omdat de gezondheidssituatie kan veranderen, kan ook veranderen welke werkzaamheden passend zijn.

Het is daarom belangrijk dat werkgever en werknemer hierover in gesprek blijven en deskundig advies betrekken wanneer dat nodig is.

Lees ook: Wat is passend werk bij re-integratie?

Wat zijn de verplichtingen van de werkgever?

Een werkgever moet zich actief inspannen om een zieke werknemer te helpen terugkeren naar passend werk.

Daarbij horen onder andere het inschakelen van een bedrijfsarts of arbodienst, het onderzoeken van mogelijkheden binnen de organisatie en het maken en evalueren van re-integratieafspraken.

Wanneer passend werk binnen de eigen organisatie onvoldoende perspectief biedt, moet de werkgever zo nodig ook mogelijkheden buiten de organisatie onderzoeken.

De werkgever blijft verantwoordelijk voor de re-integratieverplichtingen die volgens de wet op hem rusten, ook wanneer een extern re-integratiebureau wordt ingeschakeld.

Een werkgever moet voldoende inspanningen leveren, maar kan niet garanderen dat een medewerker daadwerkelijk een nieuwe baan vindt.

UWV kijkt bij een eventuele beoordeling daarom naar de geleverde inspanningen en niet alleen naar de vraag of het gelukt is om werk te vinden.

Lees verder: Re-integratieverplichtingen van werkgevers.

Wat wordt er van de werknemer verwacht?

Ook een werknemer moet actief meewerken aan de re-integratie, voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is.

Dat betekent onder andere dat je afspraken nakomt, meedenkt over mogelijkheden en passend werk accepteert wanneer dat terecht wordt aangeboden.

Ook kan van je worden verwacht dat je meewerkt aan gesprekken, begeleiding of activiteiten die gericht zijn op terugkeer naar werk.

Tegelijkertijd moet rekening worden gehouden met je belastbaarheid.

Dat betekent dat re-integreren niet hetzelfde is als zo snel mogelijk weer volledig aan het werk gaan. Het gaat om stappen die passen bij je mogelijkheden en de adviezen van de betrokken deskundigen.

Wat als de re-integratie niet goed verloopt?

Soms verschillen werkgever en werknemer van mening over de mogelijkheden voor werkhervatting.

Misschien vindt de werkgever dat bepaalde werkzaamheden passend zijn, terwijl de werknemer daarover twijfelt. Of is er discussie over de vraag of voldoende re-integratie-inspanningen worden geleverd.

In zulke situaties is het belangrijk om eerst met elkaar in gesprek te gaan en zo nodig de bedrijfsarts of arbeidsdeskundige te betrekken.

Wanneer het verschil van inzicht blijft bestaan, kan in bepaalde situaties een deskundigenoordeel bij UWV worden aangevraagd.

Daarmee kan UWV een oordeel geven over bijvoorbeeld passend werk of de re-integratie-inspanningen.

Een deskundigenoordeel is niet hetzelfde als een bindende rechterlijke uitspraak, maar kan helpen om het traject weer verder te brengen.

Hoe kan een re-integratiebureau helpen?

Een re-integratiebureau ondersteunt werknemers en werkgevers bij de terugkeer naar werk.

Welke begeleiding nodig is, verschilt per situatie.

Bij een tweede spoortraject kan een re-integratiebureau bijvoorbeeld helpen met:

  • Het in kaart brengen van kwaliteiten, ervaring en mogelijkheden.
  • Het onderzoeken van passende functies en beroepsrichtingen.
  • Het ontwikkelen van een realistisch zoekprofiel.
  • Het verbeteren van sollicitatievaardigheden.
  • Het verkennen van kansen op de arbeidsmarkt.
  • Het leggen van contacten met potentiële werkgevers.

Persoonlijke begeleiding is daarbij belangrijk, omdat werknemers na een langere ziekteperiode soms opnieuw moeten onderzoeken welk werk haalbaar en passend is.

Re-integratie met Staatvandienst

Wanneer terugkeer naar werk niet vanzelfsprekend is, kan persoonlijke begeleiding helpen om nieuwe mogelijkheden te ontdekken.

Staatvandienst begeleidt medewerkers en werkgevers bij re-integratie. Met aandacht voor kwaliteiten, belastbaarheid en kansen op de arbeidsmarkt ondersteunen onze loopbaanconsultants medewerkers bij het zetten van stappen richting passend werk.

Bij tweede spoortrajecten onderzoeken we samen welke werkzaamheden mogelijk zijn en welke beroepsrichtingen aansluiten bij de situatie van de medewerker.

Zo werken we vanuit persoonlijke begeleiding aan een volgende stap in de loopbaan.

Wil je weten wat re-integratiebegeleiding in jouw situatie kan betekenen?

Bekijk onze re-integratiebegeleiding voor werknemers of neem contact op met Staatvandienst.

We denken graag mee over de mogelijkheden voor passend en duurzaam werk.